Melkproductie bij kangoeroes met twee verschillende jongen

tekst: Helma van Dijk

Kangoeroes hebben 4 tepels of spenen onder in de buidel tegen de buik aan. De hormonen Prolactine en Oxytocine zorgen samen voor het opgang brengen van geboorte als wel dat de melkproductie op gang komt. Als het larveachtige jong in de buidel kruipt kiest het een van de vier tepels. Zodra deze de speen in het mondje neemt zal de tepel opzwellen in het mondje. Het jong is door vergroeiing van de lippen vastgehecht aan de tepel. Op deze manier zit het jong drie en halve maand vast aan deze speen. Nu werkt deze speen als een soort navelstreng. De melk wordt door spiercontracties ofwel spiersamentrekkingen bij het jong naar binnen gespoten. De melkgift zal alleen in deze ene speen productief zijn. Geheel anders dan bij al onze inheemse zoogdieren. Waarbij na geboorte het gehele uier en dus alle spenen melk produceren. Als de joey na 3 1⁄2 maand loskomt van de speen zal deze gedurende z’n hele zoogperiode dezelfde speen behouden. Via deze ene speen produceert de moeder naar gelang het jong ouder wordt stapsgewijs andere melk.

De samenstelling van de moedermelk verandert als de joey ouder wordt

De samenstelling voor een pasgeborene zal meer proteïne en minder vet bevatten dan die voor een jong van bijvoorbeeld 4 of 6 maanden. Vandaar ook dat de kunstmelkpoeder voor
kangoeroes 4 gradaties kent, en wel voor de leeftijd tot 4 maanden, vanaf 4 maanden, vanaf 6 maanden en 7 maanden en ouder. Na een maand of 8 tot 10 mag de joey niet meer terug in de buidel. Binnen een paar maanden zal er een nieuwe joeygeboren worden. Dit nieuwe jong zoekt een eigen speen. Niet de speen van het oudere broertje of zusje. Deze is inmiddels veel te groot voor het hele kleine mondje van het larveachtige jong.

Twee verschillende soorten melk tegelijkertijd

Het proces begint van voren af aan. De hormonen zorgen opnieuw voor een signaal om via deze speen melk voor de pasgeborene te produceren. Nu worden er twee verschillende soorten melk tegelijk geproduceerd. Via de ene tepel een melk met veel proteïne en minder vet. De andere met een lager proteïne en hoger vet gehalte. Ook al mag het
oudste jong niet meer in de buidel, toch zal deze nog ruim een half tot driekwart jaar vanaf de buitenkant bij zijn moeder drinken. Dit alles zou nooit mogelijk zijn geweest als bij de kangoeroe net als andere zoogdieren het gehele uier vol schiet met melk na een geboorte. Hoe zou zij dan de twee verschillende soorten tegelijkertijd moeten verdelen om bij de juiste speen de juiste melk te krijgen. Een ingenieus systeem maakt dit mogelijk..

De melk productie wordt op gang gebracht door de hormonen die een nieuwe geboorte aankondigen. De juiste speen waar de melk naar toe moet wordt geprikkeld als het pasgeboren jong een keus uit de vier spenen heeft gemaakt. Achter elke speen staat een soort tijdklok. Deze zorg ervoor dat de melksamenstelling op het juiste moment op de leeftijd wordt aangepast. Op het moment dat er geen gebruik meer wordt gemaakt van deze speen stopt de melkproductie.