Bever met de hand grootbrengen

Helaas is er niet zoveel bekend over het grootbrengen van jonge bevers. Het gebeurt ook niet zo vaak dat een jonge bever wordt gevonden, want ze leven in ondergrondse burchten, en komen pas buiten als ze ouder zijn.

Samenstelling bevermelk

Bevermelk is erg energierijk. Het bevat veel vetten en eiwitten, en maar weinig melksuikers. (Zurowski et al. 1974).
De calcium: fosfor verhouding is 1.19: 1
En gemiddeld genomen heeft bevermelk een energiewaarde van 92.46 kcal/gram (Zurowski et al. 1974).

Samenstelling van bevermelk: (Müller-Schwarze & Sun 2003)
Water 67%
Vet 19%
Eiwit 11.2%
Suiker 1.7%
As 1.1%

Bevermelk

FoxValley 30/50 is oorspronkelijk gemaakt voor bevers. De melk wordt ook voor andere diersoorten gebruikt, die een hoog vetpercentage in de melk hebben, zoals konijnen, hazen, zeehonden, etc. Het is te koop in onze webshop en veel dierenopvangcentra in Nederland en België hebben deze melk standaard in huis.

Voedingsschema bever

Een jonge bever moet ongeveer elke 2 uur gevoed worden (ook 's nachts), totdat het jong zelf voedsel gaat eten.
Het is niet bekend hoeveel melk bevers precies moeten drinken. Een algemene richtlijn is ca 10% van het lichaamsgewicht per dag. Dus weegt de bever 250 gram, dan geef je 25ml melk, verdeeld over meerdere porties. Maar kijk ook naar de behoefte van het individu. Heb je het idee dat hij meer wil drinken, geef dan meer melk.
Als je ziet dat de ontlasting wittig wordt, dan geef je teveel melk. Bouw het dan weer een beetje af.

Vanaf een leeftijd van 1 week kan je vast voedsel gaan aanbieden. Het ene bevertje zal er meteen aan beginnen te knabbelen, en een andere bever zal misschien nog even wachten met de overstap naar vast voedsel. Dus maak je niet meteen zorgen als het niet meteen wil eten.
Je kunt wilde planten en kruiden aanbieden, en donkergroene bladgroente (bijvoorbeeld spinazie en andijvie).

Als de jonge bever zelfstandig eet, kan je het aantal melkvoedingen afbouwen. Eerst stop je met de nachtvoedingen. Je geeft bijvoorbeeld om 23u de laatste melk, en zet vers groenvoer neer. En om 7u  kijk je hoe hij door de nacht is gekomen en geef je weer de eerste melkvoeding.
Kijk hoe het met de bever gaat, hoeveel vast voedsel hij eet en of zijn gewicht omhoog blijft gaan. Als alles goed gaat, kun je experimenteren door bijvoorbeeld 3 uur tussen de voedingen te doen, en dan geleidelijk 4 uur tussen de voedingen. Maar als je merkt dat hij niet veel groenvoer eet, dan zal je nog wat langer door moeten blijven gaan met de melk.

Als algemene richtlijn kun je aanhouden dat een jonge bever vanaf een gewicht van 2 kg geen melk meer nodig heeft. Maar individuele behoeftes kunnen verschillen.

Andere aanwijzingen voor bevers

Een jonge bever moet vanaf 3 dagen oud ook toegang krijgen tot een bakje water. Niet alleen om uit te drinken, maar ook om in te zwemmen.

Het jong zal in het begin nog geholpen moeten worden met poepen en plassen. Dit kan je doen door met een vochtig watje zachtjes over de schaamstreek te wrijven. Als ware het de tong van de moeder.

Jonge moederloze bevers hebben een warmtebron nodig. Normaal gesproken houdt de moeder ze warm. Zonder moeder zullen ze snel afkoelen en kunnen ze onderkoeld raken. Je kunt een kruik, warmtematje, snugglesafe of warmtelamp gebruiken. Maar maak het ook weer niet té heet.

Weeg je bevertje elke ochtend vóór de eerste voeding. Schrijf het gewicht op in een tabel, zodat je de groei goed in de gaten kunt houden. Het is normaal dat een dier de eerste twee dagen gelijk blijft in gewicht of zelfs af valt. Maar daarna moet er een duidelijke groei te zien zijn.